Contract kwijt, banen weg, mr buitenspel?

Wat gebeurt er als scholen de dienstverlening rond passend onderwijs niet langer hoeven af te nemen bij een partner van het samenwerkingsverband? Dan bekijken ze andere opties en zien begeleiders passend onerwijs hun baan in gevaar komen. In zo’n kritieke situatie komt ook de medezeggenschap terecht in een woeste storm.

Tekst Miro Lucassen - - 3 Minuten om te lezen

mr buitenspel school

Er helpt geen moedertje lief meer aan voor de begeleiders passend onderwijs van iHub in Amsterdam: scholen hebben contracten opgezegd dus bijna de helft van het personeel moet voor augustus 2026 aan ander werk geholpen worden. Hoe precies? Daar horen zowel de medezeggenschap als de vakbonden over mee te praten. De bonden doen dat. Lastiger is de vraag welke medezeggenschap hier het voortouw heeft. Die kwestie kwam op het bordje van de Landelijke Commissie Geschillen WMS.

iHub is een conglomeraat van allerlei scholen voor primair en voortgezet onderwijs in de randstad. Er zijn vestigingen die zorg en onderwijs combineren en ambulante diensten. Na een recente herstructurering bestaat de organisatie uit 28 scholen en vier regionale diensten, ieder met een eigen mr.

Amsterdam is voor de dienst begeleiders passend onderwijs (BPO) een grote klant met 88 scholen binnen het samenwerkingsverband (swv). Na de zomervakantie verandert dat, want de Amsterdamse scholen willen meer keuzevrijheid. Het swv is overgestapt van het expertisemodel naar het schoolmodel. Zo heeft iedere school na de zomer een eigen budget voor inhuur. Bestaande contracten zijn opgezegd en dit kost BPO onvermijdelijk klanten.

Geen stoel aan de overlegtafel

Volgens iHub moet het bijbehorende banenverlies besproken worden met de gmr, omdat die alle onderdelen van de organisatie vertegenwoordigt. Daar denkt de mr van de begeleiders anders over. Wie dreigen er hier hun baan te verliezen? Niet het onderwijzend personeel van de scholen, niet de begeleiders in andere regio’s. Toch krijgt de mr geen stoel aan deze overlegtafel. Tijdens de discussie dendert de trein van de reorganisatie door. De medewerkers moeten weten wat ze boven het hoofd hangt, redeneert de directie. Met de gmr is de communicatie besproken en oriënterende gesprekken zijn niet hetzelfde als een formele herplaatsing.

Is dat netjes? De mr spant een procedure aan, maar over procedureel fatsoen kan de geschillencommissie geen oordeel geven. Tijdens de ruim twee uur durende behandeling van deze zaak bij Onderwijsgeschillen in Utrecht blijkt dat de wettelijke regels slecht passen bij deze speciale situatie. “Wij moeten de wet toepassen. Wat partijen ervan vinden is daaraan ondergeschikt”, houdt commissievoorzitter W. Bouwens de zeven afgevaardigden voor.

De klok tikt

Zowel de mr als het bevoegd gezag hebben procedureel steekjes laten vallen, zo blijkt. De mr claimt instemmingsrecht op een document dat nog geen besluit is. De directie van iHub kan niet overtuigend uitleggen dat de inkrimping meer dan de helft van de organisatie raakt, wat vereist is om de kwestie tot gmr-zaak te maken. Nog lastiger: de klok tikt en op de dag van de zitting houdt de gmr een achterbanraadpleging.

Twee schorsingen later blijkt dat de mr en de iHub-directie geen millimeter dichter bij elkaar zijn gekomen. Toch zal dat moeten gebeuren, blijft voorzitter Bouwens uitleggen. “U moet met elkaar in gesprek. Probeer hier handen en voeten aan te geven zodat er een goede vertegenwoordiging ontstaat.” In deze vredesconferentie moeten dan zowel de mr, de gmr als iHub een positie hebben. “Wie er ook gelijk krijgt, er moet iets geregeld worden.”

Onder druk gebeurt dat inmiddels. Achter gesloten deuren is het gesprek hervat. Er komt daardoor geen uitspraak van de geschillencommissie. Voor de zomervakantie moet duidelijk zijn waar het BPO-personeel in het najaar werkt.

Lering trekken

Medezeggenschappers kunnen lering trekken uit de gang van zaken, zowel voorafgaand aan een geschil als tijdens de behandeling. Enkele adviezen van Marianne van Belzen-Stam, senior stafmedewerker medezeggenschap bij de AOb:

  • Wees scherp op reikwijdte: raakt een kwestie, adviesaanvraag of instemmingsverzoek één onderdeel (mr) of de organisatie als geheel (gmr)?
  • Vraag tijdig om een voorgenomen besluit. Want als dat er niet is, kunnen mr of gmr geen instemming/advies geven.
  • Let op termijnen en informatievoorziening.
  • Vermijd dat een reorganisatietrein “doordendert” zonder formele medezeggenschapsstappen.

 

Meer weten over jouw rol in de MR? Volg een cursus die bij je past: