Verkiezingen, zo wordt het spannend
Echte verkiezingen met meer kandidaten voor de medezeggenschapsraad zijn op nogal wat scholen ongewoon. Daar slaakt het personeel een zucht van verlichting als de zetels zijn gevuld. Op andere scholen voeren ouders, leraren en leerlingen enthousiast campagne. Wat zijn de kenmerken van een verkiezingscultuur?
“Wij hebben altijd verkiezingen, er zijn altijd meer kandidaten en dat is altijd goed.” Leraar natuurkunde Hans Rozendom, tevens AOb-consulent in de regio Oost, is een enthousiast pleitbezorger van mr-verkiezingen. Acht jaar zit hij de deelraad van twee scholen, onderdeel van de Landstede Groep, ook als voorzitter. Vier jaar lang zat hij tevens in de overkoepelende gmr voor de stichting, met zeven scholen onder zijn hoede. Rozendom, sinds twee jaar ook als ouderlid actief in de mr van gmr van de basisschool van zijn kinderen, deelt enkele ervaringen en tips:
1. Bij havo en vwo is het relatief gemakkelijk kandidaten te vinden voor de geleding van ouders en leerlingen. Het type hoog opgeleide ouder is makkelijker te porren om invloed uit te oefenen via de medezeggenschap.
2. Waardeer de meerwaarde van ouders. Zij durven de kritische vragen te stellen over kwesties die een personeelslid minder makkelijk aanroert, omdat de overlegpartner nu eenmaal ook de werkgever is.
3. Als de mr kan laten zien dat de leden iets voor elkaar hebben gekregen, wordt het makkelijker mensen te vinden.
4. Ervaring en een frisse blik zijn allebei waardevol. De achterban bepaalt wie er in de mr zit en verkiezingen zijn dan het aangewezen instrument. Aangezien een mr altijd minstens twee personeelsleden telt is er genoeg ruimte voor vernieuwing.
5. Je kunt verkiezingen spreiden zodat ze op een logische moment vallen voor zowel personeel als ouders en leerlingen. Geef alle nieuwe ouders en leerlingen gelegenheid om mee te doen door hun verkiezingen te houden in de eerste weken van het schooljaar. Stem over de samenstelling van de personeelsgeleding in mei, zodat de uitslag duidelijk is bij het bepalen van ieders taken in de formatie
6. Vinden collega’s de mr nog een wassen neus? Werk daar dan eerst aan, te beginnen met scholing zodat de kennis van de mr-leden op peil komt.
7. Ken je rechten en durf een paar keer nee te zeggen. De eerste keren is dat moeilijk, maar je wordt daarna beslist serieuzer genomen.
8. Durf je rol te nemen. Als AOb-consulent voor primair en voortgezet onderwijs krijg ik mr-leden aan de telefoon die erover aarzelen om stappen te nemen. Dan ligt er bijvoorbeeld een besluit over het formatieplan of een voorgenomen besluit tot fusie waar de mr instemmingsrecht op heeft. De mr heeft niet ingestemd maar de directie voert het toch uit. Ken je rechten, zeg ik dan nogmaals, en stel een simpel briefje op waarmee je nietigheid van het besluit inroept. Met dat briefje leg je de uitvoering stil en kun je naar de geschillencommissie. Maar daar zit niemand op te wachten, dus komt de boel alsnog in beweging om tot overeenstemming te komen. Eén keer zo’n briefje en je ziet de gesprekken veranderen. Dan komt vaak wel goed met dat formatieplan of de uiteindelijke fusie.
9. Je bent bezig te laten zien dat de mr iets voorstelt, maar vermijd het om hard tegen hard te spelen. Degene die gelijk heeft gekregen moet netjes om tafel blijven kunnen met degene die verlies te slikken heeft. Je laat zien dat de medezeggenschap is gebaseerd op vertrouwen. Daar willen mensen deel van uitmaken. Zo is het niet langer een verplichting, maar een kans om lid te zijn van de medezeggenschapsraad.