Medisch onderzoek, wanneer en voor wie?

Niemand wil dat onderwijspersoneel ziek wordt van het werk. Er zijn allerlei maatregelen om dat te voorkomen, maar hoe te controleren of arbobeleid werkt? De medezeggenschapsraad kan onderzoek naar de preventieve werking aanmoedigen.

Tekst Miro Lucassen - - 3 Minuten om te lezen

De Arbeidsomstandighedenwet heeft er weinig woorden voor nodig: ‘De werkgever stelt de werknemers periodiek in de gelegenheid een onderzoek te ondergaan, dat erop is gericht de risico’s die de arbeid voor de gezondheid van de werknemers met zich meebrengt zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken.’ Hoe vaak, welke methode en welke risico’s, dat zijn vragen waar de school beleid over vaststelt: in overleg met de medezeggenschap en na advies van de bedrijfsarts. Daarbij voelt menig mr-lid zich beland in een moeras van afkortingen en onzekerheden.
De risico-inventarisatie en evaluatie (RI&E) beschrijft welke gezondheidsrisico’s er bestaan die een gevolg zijn van het werk. Bij de RI&E hoort een plan van aanpak om risico’s te beperken en daarmee beroepsziekten te voorkomen. Om na te gaan of die aanpak werkt, bestaat het periodiek arbeidsgezondheidskundig onderzoek (PAGO). Verwar dit niet met het algemene preventief medisch onderzoek (PMO) dat sommige scholen en bedrijven hun personeel aanbieden om hun algemene gezondheidstoestand in kaart te brengen.

Stemproblemen

Werken in het onderwijs kent ook specifieke risico’s. Denk aan burn-out als gevolg van werkstress, gehoorschade of stemproblemen door lawaai in de klas, de bovengemiddelde lichamelijke inspanning bij lessen gymnastiek, of de inspanning voor de ogen als het werk permanent achter een beeldscherm gebeurt. Wanneer er een aantoonbaar verband mogelijk is tussen bepaalde aspecten van het werk en medische klachten, neemt de school preventieve maatregelen. Voorbeelden daarvan zijn beschermende kleding bij werk met chemicaliën, een beeldschermbril of stressverminderende oefeningen. In het beroepsonderwijs kan het om zeer specifieke maatregelen gaan, zoals het gebruik van minder stuivende soorten meel ter voorkoming van bakkersastma, een van de vele bewezen werkgerelateerde aandoeningen; een overzicht is te vinden op de website van het Nederlands Centrum voor Beroepsziekten.
Wanneer zulke risico’s spelen is het verstandig de vinger aan de pols te houden met een periodiek arbeidsgezondheidskundig onderzoek (PAGO). Dit onderzoek is ingericht op de direct betrokkenen. Als de akoestiek in de gymzaal te wensen overlaat en er gehoorbescherming nodig is, kan het PAGO inhouden dat de gymleerkrachten eenmaal per jaar een gehoortest ondergaan.
De personeelsgeleding van de mr heeft instemmingsrecht op alle organisatorische kwesties rond arbobeleid en kan als daar aanleiding voor is aansturen op meer onderzoek.

Individuele uitkomst

Zowel de AOb als kenniscentrum Voion merken dat er in de praktijk veel verwarring bestaat over PAGO, PMO, de uitvoering van arbobeleid en een verwant verschijnsel, het medewerkerstevredenheidonderzoek (MTO). Zo’n MTO heeft geen medische status en kan daarom nooit een vervanging zijn van de andere, al wordt dat in sommige gevallen wel beweerd. Een MTO heeft meer te maken met de kwaliteit van de organisatie en het werkplezier, wat gevolgen kan hebben voor de samenwerking, sfeer en productiviteit.
De medische onderzoeken PAGO en PMO hebben ieder hun eigen doel. Een PAGO richt zich op beroepsziekten en andere gezondheidseffecten van arbeid. De resultaten moeten leiden tot betere preventie en beheersmaatregelen, zodat de schade vermindert. Een PMO kan gezondheidsproblemen signaleren en probeert een gezonde leefstijl aan te moedigen.
Een PMO is voor iedere werknemer hetzelfde, een PAGO is toegespitst op specifieke gevallen en omstandigheden. Verwarrend genoeg komt een PAGO echter ook voor als extra onderdeel van een PMO.
De uitkomsten van een PMO zijn op individueel niveau alleen bedoeld voor de werknemer; de school krijgt wel inzicht in de algehele gezondheid van het personeelsbestand. Een PAGO gaat na of preventieve maatregelen werken zoals ze bedoeld zijn en kan daarom leiden tot aanbevelingen om zaken anders aan te pakken. Die nieuwe preventiemaatregelen komen in de mr dan weer op de overlegtafel.

www.arbocatalogus-vo.nl

www.arbocatalogus-po.nl

Verschenen in infomr 3/2018