Negen tips voor arbodiscussies in de mr

Frisse lucht, goed onderhouden machines, beperking van de werkdruk en sociale veiligheid, het heeft allemaal te maken met arbeidsomstandigheden op scholen. De medezeggenschap heeft een stem. Negen tips om daar invloed mee uit te oefenen.

Tekst Miro Lucassen - - 5 Minuten om te lezen

336x336_infomr_personeel2

1. Check de context

Zelfs in het onwaarschijnlijke geval dat jouw school nog niets op papier heeft over arbokwesties, dan zijn er altijd gewoontes, verwachtingen en mondelinge afspraken. In dat geval is de werkgever trouwens wel op vele fronten in overtreding. De wet verplicht elke school om een preventiemedewerker te hebben, die ook de taak heeft de mr te adviseren. Is er nog geen preventiemedewerker, dan heeft de personeelsgeleding van de mr instemmingsrecht bij de keuze van de persoon. Ook verplicht: een actueel inzicht in risico’s en een plan van aanpak om gesignaleerde problemen aan te pakken. Arbobeleid leidt dus al snel tot nogal wat papier, waarbij goed arbobeleid zich beperkt tot de punten die relevant zijn voor de eigen school.

2. Check de basis: werkdruk

Overal is werkdruk van invloed op de arbeidsomstandigheden. Leidt hoge werkdruk tot stress, dan is dat een signaal dat eisen, inhoud en context van de baan passen niet bij de mogelijkheden van de werknemer om het werk goed uit te voeren. De werkgever en de preventiemedewerker horen alert te zijn op zulke signalen en ook de arbodienst kan ze waarnemen als onderdeel van de begeleiding van ziekteverzuim. De volgende stap: inventariseer en analyseer de risico’s zodat er een plan van aanpak komt ter verbetering. De maatregelen uit de arbocatalogi zijn voorgeschreven, tenzij de personeelsgeleding zich laat overtuigen dat een andere oplossing beter past bij de school. Bij het vaststellen van het plan van aanpak geldt instemmingsrecht.

3. Check de basis: sociale veiligheid

Niks aan de hand als de sfeer in het team goed is, maar let op: je ziet nooit alles van collegiale verhoudingen. Veel bedrijven stellen daarom een interne vertrouwenspersoon aan waar personeel terecht kan om ongewenst gedrag te bespreken en aan te pakken. Een wettelijke verplichting voor een externe vertrouwenspersoon komt eraan voor alle organisaties inclusief scholen met meer dan tien werknemers, alleen de Eerste Kamer moet die nog afhandelen. Onveiligheid in de school is natuurlijk ongewenst, dus als dat risico nog een blinde vlek is, kan de medezeggenschap het onderwerp op de agenda zetten.

4. Check de bijzonderheden: spullen

Vingerverf in de kleutergroepen is veilig, maar bij andere materialen op school past voorzichtigheid. In praktijklokalen kan een ongeluk in een klein hoekje schuilen, bij onoplettendheid of door pech. Goed arbobeleid herkent de risico’s van soldeerbouten, zaagmachines en chemicaliën. Dat betekent aandacht voor preventie én voor eerste hulp als er toch iets misgaat. De preventiemedewerker is de centrale figuur bij dit onderdeel en het is aan te raden om als mr minimaal eenmaal per jaar contact te hebben, of vaker als er actuele kwesties op de agenda staan.

5. Check de bijzonderheden: luchtkwaliteit

Ramen open en jassen aan, want de meter slaat rood uit. De aandacht voor luchtkwaliteit is toegenomen, zeker toen werd aangetoond wat iedereen al kon vermoeden: in een muf lokaal gaat de concentratie achteruit, met funeste gevolgen voor de leerprestaties. Net zo belangrijk is het effect op de leraar, die ook niet optimaal presteert bij een overmaat aan kooldioxide. Mocht jouw schoolbevolking ondanks subsidies, actieplannen en hulpteams nog zuchten in bedompte lokalen, dan hoort dit onderwerp met voorrang op de mr-agenda. Er zijn allerlei maatregelen mogelijk, van gedragsverandering en bewustwording tot bouwkundige ingrepen. Komt het even niet uit? Een gezond binnenklimaat valt onder de Arbo verplichtingen en goed ventileren levert ook een bijdrage aan het verjagen van verkoudheidsvirussen en andere ziekteverwekkers.

6. Check de achterban

Terwijl de ene collega liefst nog in korte broek loopt heeft de ander alweer een sjaal om, want mensen verschillen van elkaar. Goed arbobeleid heeft oog voor individuele wensen en behoeftes, net als goede medezeggenschap. Vergeet dus niet om je inzet voor betere arbeidsomstandigheden te bespreken met de collega’s en hen op de hoogte te houden van wat de mr heeft besproken en bereikt.

7. Check de agenda

Risico-inventarisaties, plannen van aanpak en andere beleidspapieren gelden niet voor eeuwig. Nieuwe risico’s en werkomstandigheden leiden tot een nieuwe inventarisatie. Ook als er niets lijkt te wijzigen is een vaak gehoord advies om de inventarisatie elke drie jaar tegen het licht te houden en de uitvoering van het plan van aanpak jaarlijks te beoordelen. Vermeld tijdig op de termijnagenda van de mr dat zo’n evaluatie en bijstelling eraan komen zodat de mr zich kan voorbereiden. Zijn er gebeurtenissen of ontwikkelingen van belang, breng die dan onder de aandacht van de overlegpartner, de preventiemedewerker en andere belanghebbenden. Het is niet de taak van de mr zelf om beleidsdocumenten bij te stellen. De medezeggenschap geeft suggesties en is in een volgend stadium aan zet om in te stemmen of advies te geven.

8. Vastgelopen? Vraag advies

De regels en adviezen rond arbeidsomstandigheden zijn te zien als een kathedraal van goede bedoelingen, waar allerlei adviseurs klaarstaan om de bezoekers te assisteren. Eerste wegwijzer zijn de arbocatalogi voor primair en voortgezet onderwijs, die elke zes jaar worden bijgewerkt met de nieuwste inzichten. Handreikingen vol voorbeelden staan op de bijbehorende websites. Voor het voortgezet onderwijs is advies in te winnen bij kenniscentrum Voion, het arbeidsmarkt en opleidingsfonds dat door vakbonden en werkgevers gezamenlijk in stand wordt gehouden. In het primair onderwijs zijn deze taken ondergebracht bij het Vervangingsfonds/Participatiefonds en bij Arbomeester.

9. Geen gehoor?

Stuit de medezeggenschap op problematisch arbeidsomstandigheden waarbij het steeds niet lukt om iets te verbeteren, dan is als volgende middel de Arbeidsinspectie inzetbaar. Deze inspectie komt ook op eigen initiatief langs bij bedrijven, een bezoek waarbij de mr het recht heeft om de inspecteur te vergezellen. Bij structurele problemen zoals te lange werktijden of onveiligheid op de werkplek is het mogelijk een melding te doen. Let op: individuele meldingen worden geregistreerd, bij een melding namens de mr of de vakbond moet Nederlandse Arbeidsinspectie altijd in actie komen. De inspectie zal de arbocatalogus raadplegen bij de beoordeling of de school voldoende heeft gedaan om de problemen de wereld uit te helpen.

Meer informatie

Werkinstructie: werkstress door werkdruk voorkomen en beperken | Richtlijn | Nederlandse Arbeidsinspectie (nlarbeidsinspectie.nl)